Wereldwijd is het vertrouwen in wetenschap teruggezakt na de piek tijdens de coronapandemie. Nederland laat in dezelfde internationale enquête een positiever beeld zien: bijna 79 procent zegt wetenschap ten minste enigszins te vertrouwen. Dat betekent niet dat Nederlanders alles geloven wat een onderzoeker zegt. De cijfers meten een brede houding, geen kwaliteitsstempel voor elke studie.
De Wellcome Global Monitor 2026 ondervroeg in 2025 meer dan 140.000 mensen in 140 landen. In de 108 landen die in 2018, 2020 en 2025 aan alle drie de metingen deelnamen, zei 72 procent wetenschap "enigszins" of "veel" te vertrouwen. Dat was 80 procent in 2020 en 77 procent in 2018.
Het nieuws is dus niet dat de wereld wetenschap massaal afwijst. Een ruime meerderheid spreekt nog altijd vertrouwen uit. Wel is de extra vertrouwenspiek uit de pandemie verdwenen en ligt het vergelijkbare wereldcijfer nu lager dan in de eerste meting.
De cijfers in 30 seconden
- Wereldwijd zegt 72 procent in de vergelijkbare trendgroep wetenschap ten minste enigszins te vertrouwen.
- In Nederland is dat 78,7 procent; 46,4 procent kiest de sterkste antwoordcategorie "veel vertrouwen".
- Nederlandse respondenten vertrouwen wetenschappers vaker dan journalisten of de nationale regering, maar artsen en verpleegkundigen staan nog hoger.
- De wereldtrend vraagt voorzichtigheid, omdat de manier van enquêteren in China veranderde.
- Het onderzoek toont samenhang, geen oorzaak. Het bewijst bijvoorbeeld niet dat financiële onzekerheid rechtstreeks wantrouwen veroorzaakt.
Nederland scoort hoger dan het wereldbeeld
Feitvast controleerde de officiële landentabel van Wellcome. De Nederlandse steekproef telt 1.005 ongeweegde antwoorden; de percentages zijn gewogen om de bevolking vanaf 15 jaar beter te vertegenwoordigen.
| Vraag en antwoord | Nederland | Wereldwijde vergelijking |
|---|---|---|
| Veel vertrouwen in wetenschap | 46,4% | 26% in alle 140 landen |
| Enigszins of veel vertrouwen in wetenschap | 78,7% | 70% in alle 140 landen |
| Veel vertrouwen in wetenschappers | 53,5% | 32% in de trendgroep |
De cijfers over "wetenschap" en "wetenschappers" lijken op elkaar, maar zijn niet dezelfde vraag. Iemand kan vertrouwen hebben in de wetenschappelijke methode en tegelijk kritischer zijn over onderzoekers, instellingen of belangen. Daarom tellen we die antwoorden niet bij elkaar op.
Ook het wereldcijfer heeft twee vormen. Voor een eerlijke vergelijking door de tijd gebruikt Wellcome de 108 landen die in alle drie de meetjaren deelnamen; daar komt 72 procent uit. In de volledige groep van 140 landen is het gecombineerde wereldcijfer ongeveer 70 procent. Dat verschil is geen tegenspraak, maar het gevolg van een andere landengroep en weging.
Wie vertrouwen Nederlanders het meest?
Binnen dezelfde Nederlandse enquête kunnen we instellingen met dezelfde antwoordopties vergelijken. Dan ontstaat een duidelijker beeld dan uit één los percentage.
| Groep of instelling | Enigszins of veel vertrouwen |
|---|---|
| Artsen en verpleegkundigen | 91,2% |
| Wetenschappers | 81,9% |
| Wetenschap | 78,7% |
| Journalisten | 68,0% |
| Nationale regering | 57,5% |
Deze rangorde zegt niet dat iedere arts, wetenschapper of journalist betrouwbaar is. Ze laat alleen zien hoe breed het algemene vertrouwen per groep is. De vragen gaan bovendien niet over een concreet nieuwsbericht, medicijn of beleidsbesluit.
Er is nog een aanwijzing dat Nederlanders wetenschap niet uitsluitend als iets abstracts zien. Bijna 89,5 procent zegt dat het werk van wetenschappers mensen zoals zijzelf "een beetje" of "veel" voordeel oplevert. Ruim 75,9 procent denkt dat wetenschap en technologie het leven van de volgende generatie helpen verbeteren.
Een tweede Nederlands onderzoek vertelt hetzelfde verhaal anders
Het Rathenau Instituut meldde op 29 september dat Nederlanders hun vertrouwen in wetenschap gemiddeld een 7,4 geven. In 2025 was dat 7,5. Van de ondervraagden gaf 16 procent een 5 of lager, 32 procent een 9 of 10 en 52 procent een score tussen 6 en 8.
Die cijfers ondersteunen het beeld dat het Nederlandse vertrouwen hoog maar niet onbeperkt is. Toch mogen we 7,4 niet rechtstreeks omrekenen naar de 78,7 procent van Wellcome. Rathenau gebruikte een schaal van 1 tot en met 10 en een Nederlands panel; Wellcome werkte met vier antwoordcategorieën binnen een internationale telefonische enquête. Een andere vraag en methode kunnen een andere uitkomst geven.
Feitvast schreef eerder dat Nederlanders minder grote doorbraken van AI in de wetenschap verwachten, terwijl hun algemene vertrouwen in wetenschap hoog blijft. Ook dat onderscheid is belangrijk: twijfel over een toepassing van wetenschap is niet automatisch wantrouwen tegenover wetenschap als geheel.
Waarom China de wereldtrend ingewikkelder maakt
Wellcome waarschuwt zelf voor een methodische breuk. In China veranderde de afname in 2025 van telefonische gesprekken naar een niet-willekeurig onlinepanel. Omdat China een groot deel van de wereldbevolking vertegenwoordigt, telt het land zwaar mee in een bevolkingsgewogen wereldgemiddelde.
Wanneer China wordt weggelaten, oogt het vertrouwen tussen 2018 en 2025 stabieler. De daling sinds de piek van 2020 blijft volgens Wellcome wel zichtbaar. De juiste conclusie is daarom niet dat de hele wereld in exact hetzelfde tempo vertrouwen verliest, maar dat de pandemische stijging wereldwijd niet is vastgehouden.
Geldzorgen hangen samen met vertrouwen, maar bewijzen geen oorzaak
In de wereldwijde gegevens zegt 39 procent van de mensen die comfortabel rondkomen veel vertrouwen in wetenschap te hebben. Bij mensen die moeilijk rondkomen is dat 20 procent. Ook minder vertrouwen in publieke instellingen en zorg hangt samen met minder vertrouwen in wetenschap.
Dat is een verband, geen experiment. De enquête bewijst niet dat geldzorgen rechtstreeks wantrouwen veroorzaken. Het kan ook andersom of via andere factoren lopen, bijvoorbeeld ervaringen met zorg, overheid, onderwijs of ongelijkheid. Het Rathenau-onderzoek vindt in Nederland eveneens een sterke samenhang met ervaren financiële zekerheid, maar ook dat resultaat maakt van samenhang nog geen oorzaak.
Wat betekent dit voor Nederlandse lezers?
Door het nieuwe rapport verandert geen wetenschappelijk advies, overheidsregel of behandeling. De praktische les is vooral hoe je zulke cijfers leest. Vertrouwen is geen alles-of-nietskeuze. Mensen kunnen wetenschap in het algemeen vertrouwen en toch vragen stellen over financiering, belangen, methode of de vertaling van een studie naar beleid.
Voor onderzoekers en media ligt daar de echte opdracht: niet alleen zeggen dat een studie bestaat, maar laten zien hoe die is uitgevoerd, wat de gegevens wel ondersteunen en waar onzekerheid blijft. Juist die controle maakt kritisch vertrouwen mogelijk.
Bronnen en bewijsgrens
De hoofdbron is de Wellcome Global Monitor 2026, gepubliceerd op 10 oktober 2026. Feitvast gebruikte daarnaast de openbare Nederlandse kruistabel, het technische rapport en het Nederlandse Rathenau-rapport. De onderzoeken meten zelfgerapporteerd vertrouwen. Ze beoordelen niet de feitelijke kwaliteit van individuele studies en verklaren niet waardoor iemands vertrouwen verandert.
Onderzoekscheck
Zo weten we dit
Bekijk de methode, beperkingen en oorspronkelijke bron achter dit verhaal.
Volledige onderzoekscheck 5 onderdelen
- Onderzoeksopzet
- Internationale enquête in 140 landen, afgenomen in 2025 als onderdeel van de Gallup World Poll. De Nederlandse resultaten zijn gewogen en gebaseerd op 1.005 ongeweegde antwoorden van mensen van 15 jaar en ouder; Nederland werd telefonisch bevraagd.
- Vakblad of publicatie
- Wellcome Global Monitor 2026
- Onderzoeksinstelling
- Wellcome Trust, Gallup World Poll en Ipsos; Nederlandse context van het Rathenau Instituut
Belangrijkste beperking
Enquêtes meten antwoorden op brede begrippen als wetenschap en wetenschappers. De internationale trend gebruikt 108 landen die in alle drie de golven meededen; de meetmethode in China veranderde in 2025 en beïnvloedt door de bevolkingsomvang het wereldgemiddelde.
Wat dit niet bewijst
De resultaten bewijzen niet waarom vertrouwen veranderde, dat Nederlanders alle wetenschappelijke onderwerpen evenveel vertrouwen of dat een hoger vertrouwenspercentage automatisch tot betere keuzes leidt.
Nederlandse context
Wat betekent dit voor Nederland?
De internationale dataset bevat een afzonderlijke, gewogen Nederlandse steekproef. Het rapport verandert geen beleid of advies, maar maakt een onderbelichte Nederlandse vergelijking mogelijk.
Transparantie
Updates en correcties
Inhoudelijke update: De Wellcome Global Monitor 2026 rapporteert dat vertrouwen in wetenschap in de vergelijkbare wereldwijde trendgroep lager ligt dan tijdens de pandemie. Een controle van de Nederlandse kruistabel laat zien dat 78,7 procent wetenschap ten minste enigszins vertrouwt en 46,4 procent veel vertrouwen heeft.
Zie je een fout of ontbreekt er context? Bekijk hoe we corrigeren.
