Biologie, Dieren & Milieu

Twee dierencijfers lijken te botsen: -73% wereldwijd, bijna +60% in Nederlands zoetwater

Het nieuwe wereldwijde natuurrapport meldt 73% gemiddelde achteruitgang; CBS zag juist herstel bij Nederlandse zoetwaterdieren. De meetlatten verschillen, en ook in Nederland stokt het herstel.

Rapport of dataset Onderzoekscheck Oorspronkelijke bron
  1. Bron
  2. Onderzoekscheck
  3. Nederlandse context
In dit artikel
AI-illustratie van een otter aan de rand van een rietrijke zoetwaterplas bij zonsopkomst.
Beeld: Feitvast / AI-illustratie. Illustratief beeld; geen documentaire foto van een gemonitorde otter of specifieke Nederlandse locatie.

Volgens het nieuwe Living Planet Report 2026 zijn gemonitorde populaties wilde gewervelde dieren wereldwijd sinds 1970 gemiddeld 73 procent kleiner geworden. Toch meldt het CBS voor Nederlandse zoetwater- en moerasdieren juist bijna 60 procent groei sinds 1990. Spreken die cijfers elkaar tegen? Nee: ze gaan over andere dieren, andere gebieden en andere perioden.

Het wereldwijde rapport verscheen op 8 oktober. De Nederlandse cijfers komen uit een afzonderlijk rapport van juni. Het nieuwe wereldrapport beschrijft dus geen nieuw herstel in Nederland. Bovendien stokt de eerdere winst bij verschillende Nederlandse zoetwatersoorten.

Twee cijfers, twee meetlatten

Een populatie is een groep dieren van één soort op een bepaalde plek. Een index voegt veranderingen in veel gevolgde populaties of soorten samen. Hij telt niet hoeveel wilde dieren er in totaal op aarde of in Nederland leven.

IndexWat is gevolgd?Uitkomst en uitgangspunt
Wereldwijd, rapport 202635.803 populatietrends van 5.790 soorten gewervelde dieren, waaronder vogels, vissen en zoogdierenGemiddeld 73% kleiner, 1970–2022
Nederlands zoet water en moeras, CBS-rapport van juni 2026176 diersoorten in en rond onder meer rivieren, beken en moerassenGemiddeld bijna 60% groter sinds 1990; de gepubliceerde CBS-reeks loopt tot 2024

Bronnen: Zoological Society of London (ZSL) en CBS. Deze percentages kun je niet van elkaar aftrekken. De Nederlandse meetmethode is aangepast aan onze meetgegevens en omvat bijvoorbeeld ook libellen, terwijl het mondiale cijfer over gewervelde dieren gaat. Ook begint de Nederlandse reeks twintig jaar later. Eén passage in het WNF-rapport noemt 2025 als eindjaar; de hier gebruikte openbare CBS-tabel eindigt in 2024. We vermengen die eindjaren niet.

Het getal van 73 procent betekent evenmin dat 73 procent van alle wilde dieren verdwenen is. Het gaat om de gemiddelde verandering in de omvang van gevolgde populaties. Volgens het WWF-rapport kromp ongeveer de helft van die populaties; 43 procent groeide en 7 procent bleef stabiel. De krimp van de dalende populaties woog in de wereldwijde index zwaarder dan de groei elders.

Dezelfde 73 procent als in 2024: staat de achteruitgang stil?

Ook de editie van 2024 kwam uit op 73 procent. Daaruit kun je niet afleiden dat er de afgelopen twee jaar niets veranderde. Die editie liep tot 2020; de nieuwe tot 2022. Bovendien bevat de nieuwe berekening 967 extra populaties en 295 extra soorten. Het is dus geen voortzetting van exact dezelfde steekproef. WWF waarschuwt uitdrukkelijk dat opeenvolgende edities niet rechtstreeks vergelijkbaar zijn, omdat de soortenset en meetperiode veranderen.

Die voorzichtigheid maakt de wereldwijde daling niet onbelangrijk. Ze zegt alleen dat de kopregel van twee rapporten op zichzelf geen jaar-op-jaaranalyse is.

En hoe gaat het dan met het Nederlandse zoet water?

Het Nederlandse Living Planet Report laat zien dat schoner water, natuurvriendelijke oevers en herstel van rivieren bijdroegen aan de langjarige vooruitgang sinds 1990. Dat beginjaar kwam echter ná een eerdere periode van groot natuurverlies. Een plus sinds 1990 brengt die eerdere schade niet automatisch in beeld.

Ook binnen de zoetwaterindex gaat niet alles omhoog. CBS ziet dat zoetwatervissen en libellen sinds ongeveer 2010 weer achteruitgaan, terwijl moerasvogels blijven toenemen. Voor soorten van vennen en hoogvenen is de recente ontwikkeling eveneens ongunstig. De bijna 60 procent winst is dus een gemiddelde over een lange periode, niet de toestand van iedere soort of iedere plas vandaag.

De nuttigste conclusie is geen wedstrijd tussen een mondiale min en een Nederlandse plus. Beide indices tonen hoe gevolgde diergroepen binnen hun eigen meetgebied en periode veranderden. Voor Nederland verandert door het wereldrapport niets onmiddellijk; de vraag voor nieuw beleid en onderzoek blijft waarom het eerdere herstel van ons zoete water bij meerdere groepen vastloopt.

Onderzoekscheck

Zo weten we dit

Rapport of dataset

Bekijk de methode, beperkingen en oorspronkelijke bron achter dit verhaal.

Volledige onderzoekscheck 6 onderdelen
Onderzoeksopzet
Syntheses of longitudinal population and species-monitoring series; the global and Dutch indices use different geographic, taxonomic and time selections.
Steekproef of materiaal
Global: 35,803 monitored population trends of 5,790 vertebrate species. Dutch freshwater/marsh index: 176 monitored animal species.
Vakblad of publicatie
Living Planet Report 2026; Living Planet Report Nederland 2026
Onderzoeksinstelling
Zoological Society of London; WWF; Centraal Bureau voor de Statistiek

Belangrijkste beperking

Neither percentage is a count of all individual animals. Different baselines, monitored groups and geographic scope prohibit direct subtraction or a conclusion that Dutch nature is universally recovering. The Dutch WWF report uses a 1990–2025 phrase while the referenced CBS series shown publicly ends in 2024; the article avoids a shared Dutch end-year claim.

Wat dit niet bewijst

The matching global 73% figures in 2024 and 2026 do not prove that biodiversity loss has halted; the Dutch freshwater gain does not prove that all Dutch ecosystems or freshwater groups are improving.

Oorspronkelijke bron WWF / Zoological Society of London; CBS for Dutch comparison

Nederlandse context

Wat betekent dit voor Nederland?

DIRECT

Transparantie

Updates en correcties

Zie je een fout of ontbreekt er context? Bekijk hoe we corrigeren.