Rüppellsgieren golden lang als stille vogels, maar opnamen uit Diergaarde Blijdorp en Vogelpark Avifauna laten iets anders zien. Onderzoekers onderscheidden zestien verschillende roepen in 2.500 geluiden van 35 vogels. Kuikens begonnen zelfs twee dagen vóór het uitkomen al vanuit het ei te roepen.
Het onderzoek verscheen op 21 oktober in het wetenschappelijke tijdschrift PLOS ONE. Connor Proudfoot en zijn collega’s maakten ongeveer 150 uur aan opnamen bij twee groepen Rüppellsgieren: één in Rotterdam en één in Alphen aan den Rijn. Daarmee kreeg een bedreigde vogelsoort die vaak als zwijgzaam wordt beschreven voor het eerst een uitgebreid, kwantitatief onderzocht geluidsrepertoire.
Het onderzoek in 60 seconden
- De onderzoekers analyseerden 2.500 roepen van 35 Rüppellsgieren in twee Nederlandse dierentuinen.
- Ze onderscheidden zestien roepvormen die voorkwamen rond onder meer dreiging, onderwerping, paring en contact tussen ouders en jongen.
- Sommige roepen waren duidelijk van elkaar gescheiden; andere liepen geleidelijk in elkaar over.
- Kuikens maakten al ongeveer twee dagen voor het uitkomen geluid vanuit het ei.
- De uitkomsten kunnen ideeën opleveren voor fokprogramma’s, maar het onderzoek testte niet of afgespeelde geluiden werkelijk tot meer bevruchte eieren of overlevende jongen leiden.
Wat hebben de onderzoekers precies gemeten?
| Onderdeel | Wat is onderzocht? | Wat zegt dat wel en niet? |
|---|---|---|
| Populaties | 35 gieren in Blijdorp en Avifauna | Geeft een gedetailleerd beeld van deze twee groepen, niet automatisch van alle wilde Rüppellsgieren. |
| Opnamen | Ongeveer 150 uur en 2.500 afzonderlijke roepen | Veel geluiden zijn onderzocht, maar niet ieder gedrag of ieder stil moment werd systematisch bemonsterd. |
| Analyse | Duur, toonhoogte en opbouw uit noten of lettergrepen | Maakt vergelijking tussen roepen mogelijk, maar betekenis en bedoeling zijn niet rechtstreeks uit het geluid af te lezen. |
| Uitkomst | Zestien onderscheiden roepvormen, deels met geleidelijke overgangen | Toont een rijk repertoire; het bewijst niet dat gieren een menselijke taal hebben. |
Zestien roepen is veel voor een vogel
Volgens Universiteit Utrecht vond eerder vergelijkend onderzoek bij meer dan achthonderd vogelsoorten gemiddeld zes tot acht roepen per soort. De zestien roepvormen van de Rüppellsgier liggen daar duidelijk boven. De onderzoekers koppelden geluiden aan uiteenlopende sociale situaties, zoals dreigen, wijken voor een hoger geplaatst dier, paring en contact tussen volwassen vogels en jongen.
Niet alle geluiden pasten in scherp afgebakende vakjes. Sommige veranderden geleidelijk, bijvoorbeeld van minder naar meer opgewonden. Zo’n glijdende schaal kan extra informatie dragen: niet alleen dát een dier reageert, maar mogelijk ook hoe sterk. De onderzoekers vergelijken dit patroon voorzichtig met geleidelijke roepen bij makaken en andere apen. Dat is een vergelijking van communicatiestructuur, geen bewering dat gieren en apen dezelfde boodschap overbrengen.
Een kuiken laat zich al vanuit het ei horen
In Blijdorp worden sommige eieren kunstmatig uitgebroed. Daardoor konden de onderzoekers ook geluiden van eieren en pas uitgekomen kuikens opnemen. Ongeveer twee dagen voor het uitkomen begonnen de jongen al te roepen. Dat roept een praktische vraag op: missen oudervogels een belangrijk signaal wanneer een ei tijdelijk in een broedmachine ligt?
De onderzoekers opperen dat het afspelen van zulke roepen ouders mogelijk beter kan voorbereiden op de komst van een jong. Ook paringsgeluiden zouden andere koppels misschien kunnen stimuleren. Maar hier ligt een belangrijke bewijsgrens: deze studie beschreef en ordende de geluiden. Zij testte niet in een proef of afspelen werkelijk het aantal paringen, bevruchte eieren of grootgebrachte jongen verhoogt.
Waarom juist deze sociale gier?
Rüppellsgieren leven in flexibele groepen en kunnen in het wild in grote kolonies broeden. Rond voedsel ontmoeten ze veel soortgenoten en ontstaat een rangorde. Dat maakt de soort geschikt om een bredere wetenschappelijke gedachte te onderzoeken: ontwikkelen soorten met ingewikkeldere sociale relaties ook ingewikkeldere communicatie?
De zestien roepvormen passen bij die gedachte, maar één soort kan haar niet bewijzen. Daarvoor zijn vergelijkbare metingen nodig bij zowel sterk sociale als minder sociale giersoorten. De onderzoekers willen daarom meer soorten en uiteindelijk ook wilde populaties opnemen.
De Nederlandse waarde zit in de combinatie
Dit is niet alleen een buitenlands dierverhaal met een Nederlandse onderzoeker. De gegevens zijn verzameld bij twee concrete Nederlandse populaties: Diergaarde Blijdorp en Vogelpark Avifauna. Blijdorp coördineert bovendien het Europese populatieprogramma voor de ernstig bedreigde Rüppellsgier. Kennis over ouder-jongcontact, spanningen in de groep en paringsgedrag kan daardoor rechtstreeks nieuwe onderzoeksvragen voor dierentuinen opleveren.
Avifauna liet eerder al zien dat geluid uit het ei wordt opgenomen. De nieuwe publicatie voegt daar de volledige, collegiaal getoetste analyse aan toe. De nieuwswaarde zit dus niet in de eerste waarneming dat een ei geluid maakt, maar in het grotere geheel van 2.500 roepen, zestien roepvormen en hun sociale context.
Wat zijn de beperkingen?
Alle onderzochte vogels leefden in gevangenschap. Hun sociale omgeving, voedselvoorziening en ruimte verschillen van die van gieren in Afrika. Het onderzoek laat daarom niet zien hoe vaak wilde vogels dezelfde roepen gebruiken tijdens lange vluchten, bij natuurlijke karkassen of in kolonies met honderden dieren.
De opnamen werden gemaakt wanneer interessante interacties zichtbaar waren. Zo’n werkwijze levert veel bruikbare geluiden op, maar is minder geschikt om exact te berekenen hoe vaak iedere roep per dag voorkomt. Bovendien werd het grootste deel van de geluidsfragmenten door één hoofdonderzoeker beoordeeld. De wiskundige groepering maakt de indeling controleerbaarder, maar een onafhankelijke herhaling bij andere populaties blijft belangrijk.
Wat gebeurt er nu?
De onderzoeksgroep wil met een driedimensionaal geprint ei met ingebouwde luidspreker testen waarom kuikens vóór het uitkomen roepen en hoe oudervogels reageren. Ook moeten nieuwe opnamen en geautomatiseerde analyse grotere hoeveelheden geluid vergelijkbaar maken. Pas zulke vervolgproeven kunnen uitwijzen of de ontdekte roepen daadwerkelijk bruikbaar zijn in fok- en beschermingsprogramma’s.
Bronnen en bewijsgrens
De primaire bron is de collegiaal getoetste studie in PLOS ONE. De Nederlandse onderzoekscontext en toelichting bij de opnamen komen van de Universiteit Utrecht. Achtergrond over de onderzochte soort en het Europese populatieprogramma is te vinden bij Diergaarde Blijdorp. Avifauna beschreef eerder al het opnemen van geluid uit een gierenei.
De studie toont een rijk en geleidelijk geluidsrepertoire bij twee groepen in gevangenschap. Zij bewijst nog niet dat dezelfde verdeling in het wild geldt of dat het afspelen van geluid het broedsucces verbetert.
Onderzoekscheck
Zo weten we dit
Bekijk de methode, beperkingen en oorspronkelijke bron achter dit verhaal.
Volledige onderzoekscheck 6 onderdelen
- Onderzoeksopzet
- Observationeel bioakoestisch onderzoek bij twee populaties Rüppellsgieren in gevangenschap
- Steekproef of materiaal
- 2.500 roepen van 35 Rüppellsgieren; ongeveer 150 uur opnamen in Diergaarde Blijdorp en Vogelpark Avifauna
- Vakblad of publicatie
- PLOS ONE
- Onderzoeksinstelling
- Universiteit Utrecht, Diergaarde Blijdorp en Vogelpark Avifauna
Belangrijkste beperking
Alle opnamen kwamen van twee populaties in gevangenschap en interessante interacties werden niet volgens een volledig willekeurig tijdschema bemonsterd. De verdeling van roepen in het wild blijft daardoor onzeker.
Wat dit niet bewijst
Het onderzoek bewijst niet dat gieren menselijke taal gebruiken, dat wilde populaties precies hetzelfde repertoire hebben of dat het afspelen van geluid het broedsucces verbetert.
Nederlandse context
Wat betekent dit voor Nederland?
De volledige gegevens zijn verzameld bij Rüppellsgieren in Rotterdam en Alphen aan den Rijn en kunnen vervolgonderzoek binnen Nederlandse dierentuinen sturen.
Transparantie
Updates en correcties
Bij dit artikel zijn geen inhoudelijke correcties of wetenschappelijke updates geregistreerd.
Zie je een fout of ontbreekt er context? Bekijk hoe we corrigeren.
